DE MANNEN VAN RAVAGE • Schilderijen en beelden

schilderijen en beelden

1 december 2013 t/m 14 februari 2014

 

DE MANNEN VAN RAVAGE

 

Er is iets eigenaardigs aan de hand met de mannen die voorkomen in een recente schilderijencyclus van Ravage. Hoewel ze enerzijds sterk verschillende uiterlijke kenmerken bezitten, vertonen ze anderzijds minstens even opmerkelijke overeenkomsten. De portretten wekken de indruk dat het om gekloonde mannen gaat of om een prototype  waaruit alle andere mannen zijn voortgekomen. Ze zouden broers kunnen zijn of in elk geval familie. Ze bezitten dezelfde genen en delen in het oog springende gelaatstrekken die in de schilderijen extra zijn aangezet, zoals de geprononceerde neus en de stevige kaaklijn. Dat maakt de schilderijenserie met mannen in de hoofdrol tot een hechte en samenhangende cyclus waarin de stijl van Arnold van Geuns en Clemens Rameckers ondubbelzinnig doorklinkt.

 

In de typerende stijl van Ravage strijden melancholie en ironie om voorrang. Hoe verschillend de formaten van de portretten ook zijn, ze steunen zonder uitzondering op een ambivalente relatie met het verleden. Die band heeft alles te maken met de fascinatie van beide kunstenaars/ontwerpers voor ‘ouderwetse’ grandeur en voor verfijning. Daar komt nog het uitzonderlijke gevoel voor het denken in zwart-wit tegenstellingen bij. Het schemergebied tussen goed en kwaad wordt door Ravage volop verkend. Dat levert veelvuldig karikaturale trekjes op. Zo krijgt de kijker niet alleen de gentleman en de dandy in exquise avondkleding te zien maar ook in ondergoed. Beide prototypes komen in allerlei hoedanigheden voor. Zo wordt de gentleman onder meer geportretteerd als weduwnaar en als een kwetsbare, gewonde oorlogsheld. Ondanks de mitella en de ooglap verliest hij zijn gevoel voor eigenwaarde niet.

 

De mannen van RAVAGE

Ravage in Zypendaal

Foto San Ming

 

De mannen van Ravage waren onlangs te zien in Kasteel Zijpendaal in Arnhem als onderdeel van de modebiënnale in die stad. Daar werden de portretten geïncorporeerd in de bestaande collectie van het museum. Ze werden getoond in samenhang met voorwerpen die door Ravage op de markt zijn gebracht, waaronder parfums voor mannen, avondkleding, een leercollectie, meubels, bedlinnen en serviesgoed.

 

Ook werk van collega-ontwerpers maakte deel uit van de installatieachtige opstellingen in de verschillende stijlkamers van Kasteel Zijpendaal. In galerie Quintessens zijn de mannenportretten nu te zien als een op zichzelf staand fenomeen. In deze presentatie worden zowel de cohesie binnen de portrettenreeks als het specifieke ‘manbeeld’ van Ravage benadrukt.

 

Rode draad in de portretten is de fascinatie van Ravage voor het empiretijdperk. De sfeer en geest van het Franse keizerrijk worden op een luchtige manier benaderd. Hoe gewichtig de personages zich ook voordoen, steeds schemert relativering door de portretten heen. Zo benadrukken de mannen van Ravage dat ook een beul een mens is en dat ook hij een moeder heeft gehad. Bijna terloops onderstreept Arnold van Geuns dat hij zich met Ravage in een zwarte periode bevindt. Dat klinkt zwaarder dan het is. Hoewel de mannen van Ravage zich in alle staten manifesteren, wordt de toon toch vooral gezet door de zwarte mannen. Ze lijken in de rouw te zijn en maken zich letterlijk nietiger ten opzichte van hun omgeving. Maar daar tegenover staan mannenportretten die fungeren als teaser en beeldmerk voor verschillende parfums. Zij vertegenwoordigen de fijne neus, de droom, het geheime leven, de vriendschap, het verdriet en het religieuze hart van de man.

 

RAVAGE Wall

De mannen van RAVAGE

Foto Jean Luc Thierry

 

De boodschap van Ravage (zo die al bestaat!) is duidelijk. Mannen zijn net mensen. Ze komen voor in soorten en maten. Soms maken ze zichzelf mooier en belangrijker dan ze eigenlijk zijn. Ze hullen zich in maatkostuums om indruk te maken. Ze pronken met de decoraties op hun borst en putten zich uit in het perfect knopen van een dubbele windsor. Maar tegelijk behouden ze iets van de schobbejak. Die dubbele moraal is kenmerkend voor Ravage. Zelfs in de meest uitgelezen gentleman kan een verdorven geest schuilen. In enkele portretten zijn duidelijk uiterlijke overeenkomsten met Arnold van Geuns en Clemens Rameckers zelf te herkennen. Dat is niet verwonderlijk: Zij zijn immers de echte mannen van Ravage en dus is het niet vreemd dat zij model stonden voor hun alter ego's. Beider voorliefde voor een vleugje decadentie is geraffineerd geïntegreerd in portretten die daardoor aan authenticiteit winnen. Dat maakt de mannen van Ravage levensecht: een beetje scrupuleus en altijd stijlvol.


Wim van der Beek 

 


 

Les hommes de Ravage

 

Dans la série de peintures récentes de Ravage, il se passe quelque chose d’étrange avec les hommes qui y figurent. Bien que leurs particularités physiques varient énormément, ils présentent en même temps des similitudes frappantes. Les portraits donnent l’impression qu’il s’agit d’hommes clonés ou alors d’hommes issus d’un seul prototype. Ils pourraient être frères ou membres d’une même famille. Ils partagent les mêmes gènes et traits marquants, qui, dans les peintures sont exagérés encore un peu plus, comme un grand nez et une forte mâchoire. De ce fait, cette suite de peintures, où l’homme a la vedette, forme un ensemble cohérent, empreint  du style indéniablement Arnold van Geuns et Clemens Rameckers.

 

Dans ce style typiquement Ravage, la mélancolie et l’ironie se bousculent. De formats différents, ils ont tous, sans exception, un rapport ambivalent avec le passé. Ce lien tient de la fascination des deux artistes/designers pour le raffinement et la grandeur d’antan. Ajoutez à cela leur faculté de penser en contrastes, en noir et blanc. Ravage explore en profondeur la zone d’ombre entre le mal et le bien. Le spectateur ne voit pas seulement le gentleman en dandy en tenue de soirée d’une élégance exquise, mais aussi en caleçon. On voit le gentleman dépeint en veuf ou alors en héros de guerre blessé et vulnérable. Malgré son bras en écharpe et son œillère, il ne perd pas de sa prestance.

 

Récemment on a pu voir les hommes de Ravage dans une exposition au château musée Zypendael, faisant partie de la Biennale de la Mode à Arnhem. Les portraits furent accrochés parmi la collection existante du musée, et présentés en même temps que les objets commercialisés par Ravage : des collections de linge de maison, de services de table, d’argenterie, de meubles et de parfums masculins.

 

Les portraits d’homme sont maintenant présentés à la galerie Quintessens comme une manifestation à part entière. Dans cette présentation, la cohérence de cette suite de portraits est évidente, tout comme la vision de la masculinité, spécifiquement Ravage.

 

Le fil conducteur est la prédilection de Ravage pour l’époque Empire. L’ambiance et l’esprit de l’Empire Français sont traités d’une main légère. Si les personnages se présentent imbus de leur personne, on perçoit la relativité de leur importance en filigrane, comme le tableau qui montre qu’un bourreau est quelqu’un qui a une maman. Arnold van Geuns souligne, en passant, qu’il est avec Ravage dans une période noire. Ce n’est pas aussi grave que ça en a l’air. Bien que l’on voit les hommes de Ravage représentés dans tous leurs états, ce sont surtout les hommes en noir qui donnent le ton. Ils paraissent être en deuil ou ils se sentent petits par rapport à leur environnement. En contrepartie il y a les portraits “teaser“, image de marque de leur collection de six parfums. Ils représentent le rêve, la vie secrète, l’amitié, le chagrin, le cœur pieux de l’homme et son nez.

 

Le message de Ravage - s’il en est un – est clair. Les hommes sont comme les êtres humains, il y en a de toutes sortes et de toutes couleurs. Parfois ils se présentent plus beaux et plus importants qu’ils ne sont. Ils portent des costumes sur mesure pour impressionner, ils paradent avec médailles et décorations et s’épuisent à vouloir réussir le double nœud Windsor, et pourtant ils gardent un côté gavroche. Cette dualité caractérise Ravage. On peut voir dans quelques portraits une ressemblance frappante avec Arnold van Geuns et Clemens Rameckers. Rien d’étonnant à ça : c’est eux les véritables hommes de Ravage, modèles et alter egos. Leur goût pour un rien de décadence fait partie intégrante de leurs portraits, qui gagnent en raffinement et authenticité. C’est ça qui rend les hommes de Ravage si vivants, peu scrupuleux et ayant du style, toujours.

 

Wim van der Beek

 

Contactgegevens

Nieuwegracht 53
3512 LE Utrecht

00.31(0)6-51453501

info@galeriequintessens.nl