'Ravage in Utrecht'

Ravage (Arnold van Geuns en Clemens Rameckers)
6 november t/m 21 december 2002
RAVAGE IN UTRECHT

De traditionele schilderkunst laat de kunstenaar de keus zich te inspireren op de werkelijkheid, of om uitdrukking te geven aan ideeën, die niet ontleed zijn aan de alledaagse realiteit. De Nederlandse kunst heeft altijd uitgeblonken in een zeer overtuigende weergave van de zichtbare wereld, ook toen het woord 'realisme' nog niet was uitgevonden. Landschappen, vee, stillevens en portretten werden geprezen om hun echtheid. In oude kritieken vind je soms uitspraken over kunstenaars die om de 'waarheid' van hun kunst worden geprezen. Wie vertrouwd was met de regels van de kunst, wist echter dat een landschap met kalveren in de wei of zelfs een goedgelijkend portret niet hoog aangeschreven stond.De ware kunstenaar was diegene die zijn publiek kon meeslepen naar de hoge toppen van de Olympus, naar de verheven schoonheid van goden en helden, of naar de hoogtepunten uit de bijbelse of vaderlandse geschiedenis. Ondanks verwoede pogingen was dit niet het genre waar de Nederlandse kunst in uitblonk. De godinnen zagen eruit alsof ze net een koe hadden gemolken, en nimfen waren te zwaarlijvig om ooit van de grond te komen. In de 19de eeuw triomfeerde het realisme. Courbet weigerde om engelen te schilderen, want, zei hij, hij was er nooit één tegengekomen. De grote historiestukken, die de makers ooit hoge onderscheidingen hadden bezorgd, verdwenen naar de kelders van de musea, of ze dienden als een lachwekkend contrast tegenover de innemende en triomferende kunst van het impressionisme.

Het kunstenaarstweetal Arnold van Geunsen Clemens Rameckers, werkend onder de naam RAVAGE vindt zijn inspiratie juist in de art pompier, vervuld van vervlogen idealen. Heroiek, drama, het noodlot van de geschiedenis, gedoemde figuren, fatale vrouwen, maar ook idyllische landschappen behoren tot het repertoire van de schilderijen en tekeningen van Ravage, en zelfs tot de beeldtaal van hun decoratieve ontwerpen. Bij de tentoonstelling over het dandyïsme in het Museum Het Paleis aan de Lange Voorhout in Den Haag voorzagen zij de slaap-en kleedkamer van de Regency-dandy van italianiserende landschappen, en van portretten van fictieve fatten.

Ronduit indruwekkend was de zaal waarin het befaamde diner noir uit de roman À rebours van Joris-Karl Huysmans werd geëvoceerd, met levensgrote afbeeldingen van schone dames zonder genade uit allerlei historische periodes. De zomer-dandy in het smetteloos witte pak ('immaculé', zei Couperus) zag zich omringd door grimmige verpleegsters uit de tijd van de Eerste Wereldoorlog. De mannen van Ravage waren zelfs naar Venetië gegaan om op Murano vazen te laten blazen met een rood kruis erin verwerkt. De vlucht van de fantasie kent geen grenzen; géén lagune gaat Ravage te hoog. De zwarte romantiek wordt niet geschuwd. De bloemen van het kwaad omgeven voorstellingen van doden-eilanden die doen denken aan Caspar David Friedrich; omlijstingen zijn vaak voorzien van heiligen en heroïnes, of van de laatste gang van een onbekende krijger. Ondanks de zware onderwerpen hebben de schilderijen een lichte toets, want het is nooit het drama van alledag, maar juist het leed van Lady Macbeth, het lot van Salomé, en de duur betaalde zaligheid van vrouwelijke heiligen. Een religieuze overtuiging steekt er niet achter, maar het effect is niettemin confronterend. Ravage dweept niet alleen met koningen en koninginnen - integendeel. Een vaas van Ravage kan eruitzien als een tijdbom, een schilderij als een uiterst verontrustende aanwezigheid in een ruimte. De mannen van Ravage zijn artistieke anarchisten; ze laten zich niet beperken door de dwang van de alledaagse werkelijkheid, en als het gaat om de regels van de kunst, dan passen ze die alleen toe als het zo uitkomt - met superieure onafhankelijkheid.

Contactgegevens

Nieuwegracht 53
3512 LE Utrecht

00.31(0)6-51453501

info@galeriequintessens.nl