Theo van de Vathorst: Beelden, penningen en tekeningen

Theo van de Vathorst
Beelden, penningen en tekeningen
19 mei t/m 26 juni 2004


Kunst met een knipoog


In de zojuist verschenen monografie Theo van de Vathorst, het beeld en het verhaal wordt voor het eerst de ontwikkeling van het uitermate veelzijdig oeuvre van deze Utrechtse beeldhouwer in kaart gebracht: van de vroege, impressionistisch aandoende beelden uit zijn tijd aan de Amsterdamse Rijksakademie tot en met diens in terracotta en hout uitgevoerde recente werk. Een voorbeeld hiervan is 'Nieuwsgierig' (2003). Het toont een mannenhoofd dat over een schutting kijkt. Het gebit van de figuur met de verontrustende blik is niet meer volledig intact. Het is daarom heel toepasselijk dat deze twee meter hoge plastiek binnenkort in de tuin van een tandarts wordt geplaatst. De patiënten krijgen er vanuit de behandelingsruimte zicht op.

Kunst met een knipoog zou men ook zijn beeld kunnen noemen dat in de Utrechtse wijk Overvecht staat. Het heet De Nachtegaal (1972) en het staat in een park aan de Sjanghaidreef. Toen Theo van de Vathorst de opdracht kreeg om hier voor een school een beeld te vervaardigen, bracht de straatnaam hem op een idee. Hij zette een sprookje van Hans Christian Andersen naar zijn hand. Op subtiele wijze is de communicatie tussen de vogel en de Chinese keizer weergegeven.

 

 Theo van de Vathorst in zijn atelier (2004) Foto: Ruben de Heer

 

De nachtegaal wist door haar unieke stemgeluid de zieke vorst te genezen en werd daarop aangewezen als zijn belangrijkste raadgever. De beeldhouwer beperkte zich in vorm en inhoud tot de essentie van het verhaal.

Ook in de uitbeelding van Sint Maarten, te zien boven de grote bronzen deuren van de Utrechtse Dom, het magnum opus van Theo van de Vathorst uit 1996, wist hij zich los te maken van de traditionele iconografie (paard en zwaard ontbreken) en bepaalde hij zich tot het universele gebaar, waarmee de nood van de naakte man wordt gelenigd. De kunstenaar heeft vier jaar aan deze opdracht gewerkt. In 1990 ontstond het monumentale portret in brons van Nederlands meest succesvolle judoka, Anton Geesink. Van de Vathorst noemt als inspiratiebronnen het kolossale beeld van de Romeinse heerser Constantijn (vierde eeuw), dat zich in het Palazzo dei Conservatori in Rome bevindt, maar evenzo de 'reuzen' van Paaseiland en enkele Afrikaanse voorbeelden.

Van de Vathorst's belangstelling is breed en varieert van Pre-Columbiaanse plastiek tot Chinese sculptuur. Hij voelt zich verbonden met andere tijden en culturen. Hij put uit deze bronnen maar gaat verder zijn eigen gang. Een middel daarbij is de kwinkslag waarbij de beschouwer op het verkeerde been wordt gezet. Met name in zijn penningkunst is dit het geval. Wat heeft bijvoorbeeld een bever te maken met de ROVU. Dit nijvere dier staat symbool voor de bouwdrift van deze Utrechtse gemeentelijke dienst. Tegelijkertijd is het een speelse verwijzing naar de gebroeders Ed en Willem uit de veelbekeken televisieserie 'De Fabeltjeskrant'.

Ter gelegenheid van '150 jaar begraafplaatsen Utrecht' maakte Van de Vathorst een herdenkingspenning. Aan de ene zijde is klimop te zien, een symbool van de voortgang van het leven. Aan de andere kant van de penning delven twee mannetjes een graf. De grafiti op de penning 'Opkontje' geeft bij nadere beschouwing geen schuttingtaal weer, maar blijkt een verwijzing te zijn naar de opdrachtgever, het Anjerfonds, een onderdeel van het Prins Bernhard Cultuur Fonds, dat niet al te grote culturele en maarschappelijke projecten steunt. Deze milde vorm van humor vormt een goed tegenwicht tegenover de serieuze kant die een onderwerp soms met zich meebrengt.

 

De keizer en de Nachtegaal (1972)

Foto: Ruben de Heer

 

 

Voor Theo van de Vathorst moet een penning meer zijn dan een lust voor het oog. Een penning behoort in de hand te worden genomen en te worden bewogen om het spel van het licht te vangen. In de ruim vier decennia dat Van de Vathorst als beeldhouwer werkzaam is, heeft hij een rijk geschakeerd oeuvre opgebouwd dat momenteel in het middelpunt van de belangstelling staat. Dit betekent echter niet dat hiermee een einde gekomen is aan zijn artistieke loopbaan. Zo maakte hij voor de huidige presentatie in galerie Quintessens enkele nieuwe beelden. En er zijn nog legio plannen. De recente keramische beelden op de expositie in Galerie Quintessens bewijzen deze nieuwe werkdrift. Hij vindt keramiek een mooi materiaal. Hij zegt hierover: “Het biedt de mogelijkheid om het proces tot het einde toe geheel zelf in de hand te houden. Bij het gieten in brons zitten er altijd een aantal schakels tussen en dát kan soms een ongewenste invloed hebben op het resultaat.” 


Dick Adelaar.

Contactgegevens

Nieuwegracht 53
3512 LE Utrecht

00.31(0)6-51453501

info@galeriequintessens.nl